Advent: voorvreugde?

“Ad·vent (de; m): de vier weken vóór Kerstmis,” vertelt de Dikke van Dale mij gortdroog. Had je mij naar een definitie gevraagd, had het ongeveer zo geklonken: “Hmm… Kaarsen. En Weihnachtskekse, natuurlijk. Verwachting, uitzien naar, voorvreugde – al schijnt dat geen goed Nederlands woord te zijn, het dekt de lading beter dan ‘voorpret’.  En vergeet de Glühwein* niet!”


Advent is een tijd die bol kan staan van voorvreugde en gezelligheid. Maar toen ik gisteren de vierde kaars op onze geïmproviseerde adventskrans aanstak, schrok ik nogal. Víer kaarsen al? Dan is het bijna Kerstmis!
Even bekroop mij een ongemakkelijk gevoel. Natuurlijk, we vieren binnenkort iets heel moois: de geboorte van Jezus, een teken van Gods betrokkenheid op ons mensen. Een teken van l/Licht.
Het probleem is alleen dat ik niet weet of ik daar al aan toe ben.

IMG_1819
© Foto: MC Hansen, uit: Adventsverschenkkalender, Anja Schäfer

In de Adventskalender vond ik dit jaar een kaart met deze tekst: “In sommige jaren is de kerststemming ver te zoeken. Dan ben ik dankbaar voor de Advent: een minder sprankelende, maar toch heel mooie manier om je op Kerstmis in te laten. Laten we even onze vruchteloze pogingen vrolijk te zijn, staken. Laten we God danken voor heilige plaatsen en voor de Advent: een tijd van verlangen, van eenzaamheid en van lange avonden. Laten we ons openstellen voor de Advent, voor de verwachting, voor het geloof dat de leegte gevuld en het gebrokene weer geheeld zal worden. Dat het verlorene altijd gevonden zal worden, hoe vaak het ook verloren gaat.”

De tekst sloeg voor mij de spijker op z’n kop en ik moest er gisteren, bij die vierde kaars, weer aan denken. Soms voel ik mij meer thuis bij deze adventsgedachte van eenzaamheid en lange avonden dan bij het vooruitzicht op feest, jinglebells en een boel vrolijkheid. Omdat die jingles en vrolijkheid niet altijd echt voelen. Omdat het  niet past bij wat ik in de wereld om me heen zie gebeuren. Omdat het mijlenver afstaat van hoe ik mij vanbinnen voel.

Maar, bedenk ik mij terwijl ik naar de vier dansende vlammetjes staar, er staat nog meer. Het gaat niet alleen om het opgeven van de gemaakte vrolijkheid, maar ook voor een allesoverstijgend geloof in dat de dingen toch weer anders kunnen worden. Dat de leegte gevuld wordt, dat het verlorene weer gevonden zal worden. Hoe vaak het ook verloren gaat.

Aan die hoop wil ik vasthouden in deze laatste dagen voor Kerstmis. Advent, dat is voor mij (ook) nog steeds de hoop op alles anders, op een wereld omgekeerd – ook als de dagen donker zijn en niets vóór de hoop pleit. Dan steek ik een kaars aan en neurie ik maar weer een oud kinderliedje, soms tegen beter weten in: “Het wordt anders, het wordt lichter, het wordt licht voor jou en mij… En voor iedereen op aarde: het wordt kerst, God is dichtbij.”

candle_bannerblog

*= dáár hebben we dan wel weer een ingeburgerd Nederlands woord van gemaakt… Stemt tot nadenken, niet? 🙂

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s